Travel

Luxehotels ontwerpen nu voor je neus, niet voor je camera

· 5 min leestijd

Je kent de boutique hotellobby wel. Veel travertijn, een messing lamp precies in het juiste licht, een muur vol groen voor de foto met de juiste hashtag erbij. Jarenlang was dat de norm, maar hotelontwerpers laten die aanpak nu stilletjes los. De vraag is niet meer "hoe fotogeniek is deze ruimte", maar "hoe klinkt, ruikt en voelt deze ruimte eigenlijk". En dat verschuift ook iets voor hoe wij naar onze eigen woonkamer kijken.

De fotogenieke lobby heeft zijn beste tijd gehad

Ontwerpbureaus die wereldwijd hotels bouwen, zien al een paar jaar hetzelfde patroon. Een visueel sterke lobby is binnen een paar maanden gekopieerd door de buurman. Iedereen kan dezelfde bank bestellen, dezelfde verlichting ophangen, dezelfde kleur muur schilderen. Wat niemand zomaar kopieert, is hoe een ruimte klinkt en ruikt. Daarom verschuift het budget nu naar precies dat: een sfeer die je voelt zodra je binnenstapt, niet alleen ziet.

Diezelfde verschuiving zie je terug in materiaalkeuze. Honingkleurige natuursteen, kurk en leer die mooier worden met gebruik, winnen het van gladde, perfecte afwerkingen. Thuis zie je dat ook: travertijn neemt het over van marmer in steeds meer Nederlandse woonkamers, precies om die reden. Een materiaal dat sporen van tijd mag tonen, voelt eerlijker dan iets dat eeuwig blinkend moet blijven.

Geluid krijgt eindelijk een plek in het ontwerpproces

Akoestiek was lang een bijzaak, iets waar de technische dienst achteraf nog iets mee moest doen. Nu zit geluid vanaf de eerste schetsen in het ontwerp, naast licht en materiaal. Een lobby met harde vloeren en kale wanden galmt en voelt onrustig, hoe mooi de styling ook is. Zachte textielen, akoestische panelen en bewust gekozen achtergrondgeluid bepalen inmiddels net zo veel over hoe een ruimte aanvoelt als de inrichting zelf.

Dat is ook precies waarom veel wandpanelen in woonkamers niet alleen decoratief zijn. Ze dempen geluid en maken een ruimte warmer, letterlijk en figuurlijk. Hotels gebruiken dat principe nu bewust in elke ruimte, van de lobby tot de gang naar je kamer.

Geur wordt het nieuwe visitekaartje van een hotel

Van de vier zintuigen die ontwerpers nu meewegen, loopt geur nog het meest achter, maar de ontwikkeling gaat snel. Sommige hotels laten een signatuurgeur door het hele gebouw verspreiden, van de lobby tot de liften. Andere verwerken geur zelfs in de vloerbedekking, zodat je 'm onbewust blijft ruiken zonder dat er een kaarsje brandt. Het idee is simpel: een geur onthoud je sneller dan een kleur, en je herkent een plek er sneller aan terug.

Wetenschappelijk onderzoek naar multisensorische omgevingen onderschrijft dat geur, geluid en licht samen een veel grotere invloed hebben op hoe mensen een ruimte ervaren dan losse elementen apart, zoals ook een studie in Frontiers in Psychology laat zien. Thuis kun je dat principe zelf toepassen door niet voor losse geurkaarsen te kiezen, maar voor één geur die je in de hele woonkamer terugbrengt, in textiel, in een diffuser en in je wasmiddel.

Dit past naadloos bij de slow travel beweging

Deze verschuiving in hotelontwerp komt niet uit het niets. Steeds meer reizigers kiezen bewust voor slow travel, waarbij je langer op één plek blijft en minder van bezienswaardigheid naar bezienswaardigheid rent. Als je drie nachten in plaats van één nacht blijft, ga je de ruimte om je heen anders waarnemen. Je merkt dan sneller of een kamer prettig aanvoelt op een regenachtige middag, niet alleen of hij goed op een foto staat.

Diezelfde logica geldt voor je eigen huis. Een ruimte waarin je de hele dag doorbrengt, moet prettig aanvoelen op elk moment van de dag, niet alleen op het perfecte foto-uur rond vijf uur 's middags. Dat verklaart ook waarom biophilic design zo hard groeit: planten, natuurlijk licht en frisse lucht maken een kamer op elk uur fijner, niet alleen op de momenten dat het licht mooi valt.

Dit neem je mee naar je eigen hal en woonkamer

Je hoeft geen hotelbudget te hebben om dit principe toe te passen. Begin bij je hal, want die bepaalt de eerste indruk van je hele huis, net als bij een hotellobby. Eerder schreven we al hoe de hotel chique trend bij je voordeur begint, en dat geldt nu dubbel: denk niet alleen aan een mooie spiegel en een kapstok, maar ook aan geluid en geur. Een zachte loper dempt voetstappen, een geurdiffuser bij de voordeur zet meteen de toon, en gedimd licht op ooghoogte voelt rustiger dan een felle plafondspot.

Kies één signatuurgeur voor je huis in plaats van losse geurkaarsen per kamer. Hang akoestische elementen op plekken waar je nu nog galm hoort, zoals een hoge woonkamer of een kale hal. En let bij nieuwe materialen op hoe ze aanvoelen en verouderen, niet alleen op hoe ze op dag één uitstralen. Dat is precies het verschil tussen een huis dat goed fotografeert en een huis waarin je je echt thuis voelt.

L
Geschreven door Lieke Koopmans Interieur & styling redacteur

Lieke schrijft over interieurtrends en styling met het scherpe oog van een voormalig modestyliste die ontdekte dat de principes van een goede outfit verrassend goed werken voor een woonkamer. Ze maakte de overstap van mode naar interieur toen ze besefte dat ze meer plezier haalde uit het stylen van ruimtes dan van mensen, en dat meubels tenminste niet klagen dat iets niet lekker zit. Ze weet dat een goed interieur niet gaat om dure spullen maar om de juiste keuzes, en deelt die filosofie in artikelen die praktisch zijn zonder saai te worden. Lieke bezoekt maandelijks interieur- en designbeurzen om op de hoogte te blijven van wat komt en wat gaat, en is niet bang om te zeggen wanneer een trend beter overgeslagen kan worden. Haar lezers waarderen haar eerlijkheid en haar talent om een ruimte met drie aanpassingen compleet te transformeren.